Startnotitie MER waterberging Diesdonk

Van WindParken

Ga naar: navigatie, zoek

Inhoud

Zienswijze

Het Waterschap Aa en Maas wil in Diesdonk een waterberging realiseren. Daarvoor moet een MER studie worden uitgevoerd.

In deze zienswijze voor de startnotitie, roept de initiatiefgroep Windpark Diesdonk op om in de MER studie meteen de impact van windmolens in het gebied te onderzoeken, met als uiteindelijk doel de realisatie van een klein windpark in het gebied, en de betrokken gemeentes op te roepen mee te werken aan het gelijktijdig zodanig aanpassen van de bestemmingsplannen in het gebied om naast waterberging ook de bouw van een windpark mogelijk te maken. De gemeentes zijn toch al van plan om het bestemmingsplan aan te passen. Het eindresultaat van deze MER studie hoeft niet te zijn dat het windpark Diesdonk al alle RO en andere bestuurlijke procedures heeft doorlopen, maar wel dat het bestemmingsplan een windpark in Diesdonk toestaat. Dit is conform de afspraken in het klimaatconvenant dat Rijk, IPO en VNG hebben afgesloten. Gemeentes moeten niet wachten op andere overheden, maar zelf, waar dat mogelijk is, hun deel doen. In dit geval is dat het bestemmingsplan zodanig aanpassen dat waar windenergie mogelijk is, het bestemmingsplan daarop aanpassen, zodat het bestemmingsplan geen blokkade meer vormt. En daarvoor kan deze MER studie de impact van windmolens in het gebied alvast meenemen.

Om de impact in te schatten zijn enkele mogelijke ontwerpen voor Windpark Diesdonk in deze zienswijze opgenomen. In de komende maanden zal de initiatiefgroep Windpark Diesdonk deze verder uitwerken en de omwonenden en andere inwoners van het gebied benaderen om draagvlak voor het windpark plan te vinden.

Varianten voor het windpark Diesdonk volgen hieronder.

De startnotitie en meer informatie over het waterbergingsgebied is te vinden op de website van Waterschap Aa en Maas

U kunt deze zienswijze ook mede ondersteunen, hij moet voor 6 jan 2009 worden ingediend. Maar bij de beoordeling van de zienswijze en de aanpassing van de startnotitie, blijft uw steun natuurlijk meetellen. Dus ook na 6 jan kunt u mee gaan doen. Uiteindelijk komt er een cooperatie van inwoners van de regio, die het windpark gaat exploiteren. Daarvoor kunt u nu al intekenen als belangstellende.

Als u bekend bent met het gebied, dan kunt u hier ook de relevante gegevens kwijt.

Aanleiding Klimaatverandering

Een belangrijke aanleiding voor het Waterschap Aa en Maas voor het aanleggen van een waterbergings gebied Diesdonk, is het veranderende klimaat. Daardoor worden er grotere pieken in de neerslag verwacht. Met het waterbergingsgebied past het waterschap zich aan, aan het veranderende klimaat. Het is echter ook mogelijk om maatregelen te nemen om de klimaatverandering af te remmen, dat is de opwekking van duurzame energie, en daarmee de uitstoot van CO2 te reduceren. Daarom is het wenselijk ook in Brabant windparken te bouwen. De provincie Brabant heeft in 2008 dan ook de ambitie uitgesproken in de provincie ca 400 MW windenergie te realiseren, voor 2012. Omdat dit plan voor een waterwingebied betekent dat de bestemming van het gebied zodanig verandert dat er niet gewoond gaat worden of een bedrijventerrein wordt aangelegd, is het terrein ook geschikt geworden als zoekgebied voor windmolenlocaties.

Omdat we het waterschap kennen als een doelmatige en doelgericht werkende organisatie, stellen we voor deze MER studie een beetje uit te breiden en tegelijk de impact van windmolens in het gebied te onderzoeken. De realisatie van een windpark is niet de primaire doelstelling van het waterschap, maar gegeven de doelmatige werkwijze, en de plaats in de samenleving van het waterschap, lijkt ons een windpark in dit waterberging gebied een passende vorm van samenwerking voor partners in de aanpak van het klimaat probleem, want dat is de essentie van het project Waterberging Diesdonk. En de reductie van CO2 uitstoot is daar onderdeel van. Grote windmolens zijn nu en de komende 10 jaar daarvoor de meest kosten effectieve, en dus meest doelmatige aanpak. Ook dat past bij de opstelling van het waterschap zoals wij het kennen.

Door in de MER studie alleen te werken aan adaptatie en niet aan mitigatie van de klimaateffecten, wordt de uitkomst van de MER studie onnodig verzwakt.

Oproep aan betrokken gemeentes

Tegelijk willen we de betrokken gemeentes vragen, Asten, Someren en Helmond, niet aan de kant te blijven staan, maar actief mee te werken aan de tot stand koming van een windpark in dit gebied. En een bijdrage te leveren in de extra kosten van deze uitbreiding van de MER studie. Naast deze steun zal ook het bestemmingsplan aangepast moeten worden. Gezien de noodzaak tot verduurzaming van onze energievoorziening zal het ook in Brabant niet blijven bij dit park.

De initiatiefnemers van Windpark Diesdonk, willen het organiseren in de vorm van een cooperatie waar inwoners van de betrokken gemeentes bij voorrang lid kunnen worden. De gemeenschap zal er dus op termijn voordeel van hebben, door de lagere energie prijzen van de deelnemers.

De bouw van een windpark, en dat exploiteren als een cooperatie van inwoners van de regio, is ook een uitwerking van de reconstructie van het landelijk gebied. Dat windenergie niet is meegenomen in het reconstructieproces van de afgelopen jaren, is een gemiste kans, want de komst van grootschalige windenergie op het Brabantse platteland is onontkoombaar.

Omdat de bestemmingsplannen gelijk op gaan met de MER studie het dus ook nodig dat windenergie wordt meegenomen in deze studie, en ook in de bestemmingsplannen.

Het resultaat van de wijziging van de bestemmingsplannen en deze MER studie moet wat ons betreft zijn dat duidelijk is wat de randvoorwaarden zijn voor de bouw van een windpark in dit gebied en andere gebieden waarvoor in de komende tijd de bestemmingsplannen gewijzigd worden. Wij zullen het MER rapport dan ook hierop beoordelen, en tijdens de MER studie daarvoor gegevens en argumenten aandragen

Inhoudelijke zienswijze

Bij een MER studie voor de impact van een windpark, moet duidelijk zijn waar de windmolens moeten komen, hoe groot ze zijn en hoeveel geluid ze maken. Het initiatief voor Windpark Diesdonk is echter niet zover dat er al een bouwvergunning aangevraagd kan worden. Bovendien is de financiering bij de huidige subsidie condities nog niet economisch haalbaar. Maar dat kan veranderen in de komende jaren. Daarom stellen we voor, bij deze MER studie te rekenen met de locaties zoals op de bijgaande paginas is weergegeven (in verschillende varianten), en aan te nemen dat daar windmolens gepland zijn van het E-112 van fabrikant Enercon. Enercon is een specialist voor windmolens in het binnenland die met een masthoogte van 110 tot 124 m. 2 bedrijven uit de regio zijn overigens betrokken bij de fabricage van deze masten.

Een alternatief is de Vestas V90, deze maakt iets meer lawaai en is ook onderhoudsgevoeliger. Echter over 4 tot 6 jaar zullen andere types gangbaar zijn. Deze 2 types zijn de meest voor de hand liggende keuzes anno 2009.

Dit is voldoende voor de zienswijze op de startnotitie, hopen wij.

In de eerste maanden van 2009 zullen we gedetailleerde ontwerpgegevens presenteren. En die aandragen voor opname en evaluatie in de MER studie. Zie hiervoor http://www.guldenlijn.nl/windparken/mwiki/index.php/Diesdonk

Indieners van deze zienswijze op 5 jan 2009 zijn:

Wim Kaag Henk Daalder

Aspecten/acties